Beeld en werkelijkheid
Beeld en werkelijkheid
´De fotografie heeft zich zo ontwikkeld dat zij in staat is om de schilderkunst te bevrijden van het literaire, het anekdotische en zelfs het onderwerp…´ Pablo Picasso.
De uitvinding van de fotografie heeft in de afgelopen 150 jaar voor enorme veranderingen in de uitingswijzen van het menselijk bewustzijn gezorgd. Daardoor is bijvoorbeeld het naschilderen of -tekenen van de uiterlijke wereld niet meer zo aan de orde en is in de beeldende kunst het ware, het oorsponkelijke op de voorgrond komen te staan. Schijn en nabootsing zijn teruggedrongen. De grote Griekse filosoof Plato vond destijds het naturalistisch afbeelden van de zichtbare werkelijkheid al verspilling van energie en het in stand houden van een illusie. Volgens hem leverde het alleen maar vervorming op van het oorspronkelijke idee, omdat de zichtbare werkelijkheid een reproductie is van wat de schepper heeft bedacht.
Het zou nog tot aan het eind van de negentiende eeuw duren voordat de interesse voor het simpelweg afbeelden van de uiterlijke wereld sterk afnam. Van toen af aan wilde men op de eerste plaats de wereld zichtbaar maken zoals de kunstenaar die persoonlijk ervaarde. En zo zijn de vroegere beeldelementen van kleur, vorm, beweging en de substantie van verf en ondergrond uit hun samenhang gehaald en verzelfstandigd. Hierdoor dringt nu veel eigentijdse kunst door tot het wezenlijke, zodat er een directe wisselwerking van mens tot mens kan ontstaan.